Kom uit je bubbel

Long read: Hoe angst, boosheid en gekwetstheid mensen uit elkaar drijft

Bubbel-klapt

Mijn identiteit

Ik ben opgegroeid in de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw. De Berlijnse muur stond nog overeind en in Zuid-Afrika heerste apartheid. Mensen werden van elkaar gescheiden door wetten en regels. Op mijn basisschool zaten bijna alleen maar Nederlandse kinderen en zoals op alle scholen werd er gepest. Het jongetje met rode krullen omdat hij een rooie was. Het eerste Turkse meisje omdat ze een rok over haar broek droeg en een hoofddoek had. En ik werd gepest omdat ik die stille was die niks terugdeed. Kinderen zijn soms keihard en oneerlijk.

Ik ben nu 45 jaar en in therapie omdat ik vastloop in het leven. Ik heb dysthymie en Asperger, maar dat is iets voor een andere blog. Waar ik nu achter kom is hoe erg het pesten mij heeft beïnvloed. Het heeft mij gemaakt tot wie ik ben en komt terug in alles wat ik doe. Mijn leven is voor een groot deel bepaald door angst voor mensen.

Op school was ik het beste jongetje van de klas en ging mensen helpen met mijn kennis om maar aardig gevonden te worden. In mijn eerste baantje verkocht ik radio’s en televisies zodat ik mensen kon adviseren bij hun aankoop. De helper. Op mijn werk nu is het niet anders en op sociale media ben ik de goedzak die voor iedereen klaar staat.

Ik wik en weeg altijd ieders belang om maar geen ruzie te krijgen. Maak me klein en cijfer me weg. Ik bekijk elke situatie op zich en puzzel daarna alle voor en tegens in elkaar voordat ik een mening vorm. Het is zó sterk dat ik geen politieke voorkeur heb en me niet snel onderdeel voel van een groep. Ik ben nu 45 en weet niet goed wie ik ben. Ik moet op zoek naar mijn eigen identiteit.

De grote discussies

Change of subject: Op Twitter woedden vorig jaar grote discussies over zwarte piet, MeToo en racisme. Niet wegklikken nu, want dit wordt interessant. Los van de onderwerpen draaien ze steeds om wederzijds begrip en open staan voor elkaars verhaal. Dat spreekt me wel aan omdat ik erg conflictvermijdend ben, maar hoe anders is de praktijk. Meestal vechten binnen no time de mensen met de extreemste mening elkaar de tent uit: feministen tegen seksisten, racisten tegen antiracisten. Hoe dat komt is heel eenvoudig: Twitter is geen democratie. De mensen met de grootste mond nemen het steeds over van de redelijkheid. De extreme 2% komt tegenover elkaar te staan, krijgt ruzie en komt er samen nooit uit. Daarbij worden drogredenaties, valse beschuldigingen en moddergooien niet geschuwd. Het raakt mijn kwetsbaarheden van vroeger: oneerlijkheid en ruzie. Ik kan daar (nog) niet mee omgaan en daarom blijf ik er liever van weg.

Boef

Na de grote MeToo discussie over seksisme en vrouwen die seksueel zijn misbruikt was er in januari ineens ophef rond Boef. Een rapper die snel opkomst heeft gemaakt, maar drie vrouwen voor ‘kech’ (dat is Arabisch voor hoer) uitschold toen ze hem een lift hadden gegeven na het stappen. Vrouwen mochten van Boef niet ’s ochtends vroeg nog in een club zijn waar alcohol werd geschonken. Ze moesten thuis bij papa en mama blijven, niks doen en braaf studeren. Boef zette het in een filmpje op internet en shit was aan. Dj’s boycotten hem en een paar concertorganisatoren annuleerden optredens. Misschien een overdreven reactie als gevolg van MeToo, maar Boef had zich door zijn seksistische uitspraken zelf speelbal gemaakt van de mensen waarvan hij afhankelijk is voor zijn brood. Zijn imago -de artiestennaam Boef is geen toeval- en strafblad zullen hem niet geholpen hebben. Een aantal zakelijke relaties wilden niet met zijn uitspraken geassocieerd worden, zoveel was duidelijk. Hetzelfde zagen we toen adverteerders GeenStijl boycotten na voortdurend seksisme. Ik vond de zakelijke gevolgen voor Boef wel te rechtvaardigden. Ik had genoeg gewikt en gewogen en wilde het voor mezelf afsluiten.

Toen plaatste iemand die ik graag mag -ik noem haar vanaf hier Emma- een bericht op Twitter van opiniemaker Seada Nourhussen. Volgens haar zijn de afkomst en religie van Boef misbruikt door witte mannen om zich te profileren als tegenstanders van seksisme. Seksistische Nederlanders zouden veel minder hard worden aangepakt. Ik zag in haar tweets nergens een onderbouwing voor deze witte mannen hypothese. Het prikkelde me wel omdat er out of the blue racisme en islamofobie bijgehaald werd. In mijn afwegingen had Boef net zo goed een blonde Hollandse jongen kunnen zijn. Seada plaatste Boef in een ander kader om haar eigen verhaal te vertellen.

Manju Reijmer op zijn beurt vond dat de discussie rond Boef werd gekaapt door mensen met racistische en politieke motieven. Daar ben ik het mee eens, want links én rechts ging er mee aan de haal om hun eigen stokpaardjes te berijden. Vreemd genoeg deed Manju daar vervolgens zelf aan mee door te suggereren dat Boef te zwaar gestraft zou zijn in vergelijking met anderen. Zo vond hij de tegenstelling met Camiel Eurlings pijnlijk die nog in functie als IOC-lid was terwijl hij in het verleden zijn vrouw had mishandeld. Dat staat inmiddels in een heel ander daglicht nu Boef weer in de armen is gesloten van zijn fans en Eurlings is afgetreden. Zou dat met de kennis van nu betekenen dat Eurlings slachtoffer is geworden van racisme tegen witte mannen? Ik geef maar aan hoe zinloos het is om totaal verschillende situaties met elkaar te vergelijken. Wat ik zie gebeuren is steeds hetzelfde: iemand doet iets wat niet geaccepteerd wordt binnen zijn netwerk en wordt daarvoor gestraft. In dat proces spelen draagvlak en onderlinge belangen mee, dus het verloopt niet altijd even snel en eerlijk, maar dat geldt voor iedereen.

Ik stelde mezelf nog voor wat Marco Borsato zou zijn overkomen als hij precies hetzelfde had gedaan als Boef. Niet helemaal vergelijkbaar omdat hij meer draagvlak heeft als keurige gevestigde artiest, maar dat hij enorm gezeur zou hebben gekregen was voor mij duidelijk. Wat er verder gebeurd zou zijn is natuurlijk koffiedik kijken.

De teksten die Emma mij stuurde komen van linkse opiniemakers die antiracisme hoog op hun agenda hebben staan. Wat rechts in de Boef ophef precies beweerd heeft heb ik niet meegekregen, maar waarschijnlijk generalisaties als ‘alle moslims…’ of ‘alle Marokkanen…’. Die doorzie ik meteen en knikker ik in de prullenbak als stemmingmakerij. Boef is overigens Fransman met Algerijnse roots, maar dat schijnt in dit soort discussies niet uit te maken.

Toen deed ik iets doms. Ik plaatste een welgemeende tweet:

“Dat framen de hele tijd, ik vind het vermoeiend. Met de uitspraken van Boef was geen enkele BN’er weggekomen in Nederland. Ik geloof in eigen verantwoordelijkheid. Billen/blaren. Plaats nou niet alles in een groter kader om je eigen stokpaardje te berijden.”

Daarmee werd ik onderdeel van een discussie. Emma bekeek mijn tweet vanuit sociologisch perspectief en vond het een typische reactie vanuit mijn dominante rol als witte Nederlandse man:

“Jij vindt het maar vermoeiend, omdat het jou niet raakt. Racisme of seksisme is voor jou een ver van je bed show. Dat is niet erg, alleen maar fijn voor jou. Maar dat betekent niet dat het er niet is.”

Emma deed precies waar ik met mijn tweet tegen ageerde: ze stuurde weg van de seksistische uitspraken van Boef maakte er een algemene racismediscussie van. Daartoe vulde ze in wat ik dacht en waarom. Mijn allergie, want als humanist vind ik vrijheid van gedachte een groot goed. Ik bracht nog in dat ik het om een andere reden vermoeiend vond (vanwege het geruzie op Twitter door de 2%) en dat ik racisme en seksisme allesbehalve ontken, maar Emma reageerde er niet op.

Ze legde me vervolgens uit dat witte mannen belangrijke posities in Nederland domineren. Hoe ze onbewust racisme ontkennen omdat ze er nooit mee te maken hebben. Omdat ze alleen de superieure kant van racisme kennen. En hoe ze vanuit hun superioriteit beschuldigingen van racisme belachelijk maken. En tenslotte stelde ze hoe dominante groepen zich in het algemeen verheven voelen en kleinere groepen naar beneden duwen. Wat me opviel is dat het alleen over negatief groepsgedrag ging, maar daarover straks meer.

Mijn tweet werd totaal verkeerd uitgelegd en ik voelde me op een nare manier aangesproken als witte man. Toch vond ik dat ik Emma’s hypothese ‘onbewust racisme door witte mannen’ mee moest nemen in mijn afwegingen, maar in de discussie die volgde kwam ik er met haar niet uit.

Schijndiscussie

In de dagen erna bleef het knagen. Er klopte iets niet. Alles in me verzet zich tegen racisme. Dat is er tientallen jaren ingestampt en door de oneerlijkheid van het pesten is mijn rechtvaardigheidsgevoel sterk ontwikkeld. Hoe kon er nou spanning ontstaan tussen ons over een onderwerp waar we het eigenlijk over eens zijn? Ik ruik bullshit van een kilometer afstand, maar soms moet je je neus er in steken om het te zien. En toen viel het kwartje: Nergens ging Emma in op wat Boef had gezegd of was overkomen. Ze sprak alleen in algemeenheden en haar redenatie was gebaseerd op aannames en generalisaties.

  • Door het introduceren van de term ‘witte mannen’ in een situatie waar niet-witte mensen bij betrokken zijn, kun je van elke discussie een racismediscussie maken.
  • Zinsconstructies die ‘witte mannen’ koppelen aan racisme zijn generalisaties. Slechts een deel van de witte mannen vertoont racistisch gedrag.
  • Het koppelen van ‘witte mannen’ aan racisme suggereert een vast verband tussen wat iemand doet en zijn huidskleur, maar dat verband is er niet. Iedereen is zelf verantwoordelijk voor wat hij of zij doet, ongeacht kleur. Tot welke sociologische groep hij of zij ook gerekend wordt.
  • Uitspraken als ‘onbewust racisme door een dominante groep’ en ‘witte mensen die racisme ontkennen omdat het hen niet raakt’ zijn kwalijk. Hiermee kan werkelijk iedere meerderheid en wit persoon van racisme worden beschuldigd. Verweer is zinloos, want de beschuldigde wordt verondersteld niet te weten wat hij doet.

Ik ruik bullshit van een kilometer afstand, maar soms moet je je neus er in steken om het te zien.

Sociologie gaat over groepen mensen en hun gemiddelde gedrag in een sociale omgeving. Dat een deel van de witte mannen dominant groepsgedrag vertoont en racistisch is zegt niets over een individuele casus. Je geeft een motorrijder ook geen bon omdat een deel van hen regelmatig te hard rijdt. Daarvoor is bewijs nodig en in de tijdelijke boycot van Boef heb ik niet de minste aanwijzing voor racisme gezien.

White privilege

Wat in racismediscussies ook vaak terugkomt is het begrip white privilege. Dat veronderstelt een oneerlijke maatschappelijke voorsprong die witte mensen hebben boven niet-witte mensen in oorspronkelijk witte culturen, bijvoorbeeld door het kolonialisme en slavernijverleden. Het merendeel van Nederland leefde echter tot midden vorige eeuw in armoede. Het presenteren van white privilege als een voordeel dat alle witte mensen onbewust hebben maakt bewijzen van deze hypothese voor de gebruiker overbodig: neem nou maar aan dat je als wit mens bevoordeeld bent, je beseft het alleen niet.

Natuurlijk zijn niet-witte mensen in Nederland op veel vlakken ondervertegenwoordigd en velen hebben een maatschappelijke achterstand. Maar gezinssituatie, morele en culturele waarden spelen hierbij een veel grotere rol dan huidskleur. Er zijn ook geen wetten en regels die de verschillen in stand houden. De tijd, integratie en groepsprocessen moeten hun werk doen. Als aantoonbaar sprake is van racisme dan moet dat natuurlijk worden aangepakt. Er zijn genoeg mensen heel scherp op racisme en het staat iedereen vrij om naar de rechter stappen.

Identiteitspolitiek

De overtuigingstechnieken van Emma komen uit de identiteitspolitiek. Ze kunnen worden gebruikt in elke situatie waar een minderheid zich achtergesteld voelt, los van de feiten. Het werkt steeds hetzelfde: Eerst wordt de meerderheid beschuldigd van een onbewust voordeel of onbewust gedrag ten koste van de minderheid. Vervolgens wordt de meerderheid beknot in hun vrijheid om mee te praten omdat ze zelf geen benadeelde zijn. Zo’n beschuldiging is oneerlijk want hij kan op geen enkele manier worden weerlegd. Als witte mensen ontkennen dat ze geprivilegieerd of racistisch zijn wordt immers gezegd dat ze het onbewust tóch zijn. Een stelling die automatisch wordt bewezen door wie haar betwist is niet-falsificeerbaar en kan daarom nooit gebruikt worden om iets aan te tonen.

Omdat het zo geraffineerd werkt worden de overtuigingstechnieken uit de identiteitspolitiek als valide overgenomen door mensen die zich inzetten voor minderheden. Die verdienen natuurlijk onze steun, maar als je consequent hun kant kiest zonder nog de feiten te wegen dan ben je ze overmatig aan het beschermen. Een klein deel van links gebruikt identiteitspolitiek om een gevoel van gekwetstheid en slachtofferschap bij hun doelgroep te bedienen. Ze bieden hun gekrenkte achterban een dader en benadrukken verschillen tussen mensen die helemaal niet relevant zijn. Of het nu om huidskleur, afkomst, gender of seksuele geaardheid gaat: met identiteitspolitiek kun je altijd suggereren dat jouw minderheid onrecht wordt aangedaan. Als tegenreactie gebruikt rechts nu dezelfde methodiek omdat witte mannen zich vreemden in eigen land beginnen te voelen door de aanvallen van links. Het polariseert alleen maar en drijft mensen uit elkaar.

“Iemand die zich als witte, zwarte man, vrouw, Hollander of moslim gekrenkt voelt, vindt daarin de rechtvaardiging om de tegenstander te trakteren op spiegelbeeldige en vernederende typeringen. Er lijkt een wedloop te ontstaan in gekrenkte identiteiten, in publiek breed uitgemeten slachtofferschap dat de opvattingen over maatschappelijke ontwikkelingen verdringt.” Bron: Wie is het meest gekwetst? – Femke Halsema

Wit is ook een kleur

In de film Wit is ook een kleur wil Sunny Bergman witte mensen bewust maken van hun huidskleur. Hierin vertellen niet-witte mensen hoe zij racisme ervaren. Ze vinden dat witte mensen zich meer in hun positie moeten verplaatsen. Maar als een witte man zegt dat iedereen zijn kansen moet pakken, wordt hem verweten dat witte mensen het allemaal komt aanwaaien. En tegenspraak van witte mensen wordt onderbroken: “Ik ga je onderbreken, want we gaan oefenen met luisteren”. Het komt regelrecht uit de identiteitspolitiek: witte mensen mogen niet volwaardig meepraten over racisme omdat ze het zelf niet ervaren. Ze moeten zich vooral bewust zijn van hun witheid, zich verplaatsen in de ander en luisteren.

In de film zit ook een sociaal groepsexperiment. Daarin worden vragen gesteld over racisme en ongelijkheid aan 19 Nederlanders van verschillende afkomst. Het blijft alleen onduidelijk of het om hun daadwerkelijke ervaringen of verwachtingen gaat. Dat maakt nogal een verschil, want je verwachtingen worden gekleurd door hoe je in het leven staat. Het ligt aan de manier waarop de vragen zijn geformuleerd:

“Van jongs af aan vond men het vanzelfsprekend dat ik zou gaan studeren” (toekomstverwachting)

“Als ik winkel, kan ik er redelijk zeker van zijn dat bewakingspersoneel mij niet in de gaten houdt.” (ervaring of perceptie)

“Ik hoef niet bang te zijn, dat mij seksuele intimidatie of verkrachting zal overkomen” (verwachting)

“Ik weet, dat als het nodig is de politie mij zal beschermen” (verwachting)

“Ik kan de televisie aanzetten of de krant opslaan en zien dat mensen van mijn etniciteit veel en positief in beeld worden gebracht.”

”Ik kan er op rekenen dat men mij als financieel betrouwbaar ziet” (ervaring of verwachting)

Sunny Bergman stelt in haar film verwarrende en soms suggestieve vragen aan witte mensen. De niet-witte mensen daarentegen mogen vrijuit praten. Ze doet boude uitspraken over witte mensen als gehele groep waarbij onduidelijk blijft of het haar eigen gedachten zijn of twijfelachtige conclusies:

“Vind jij dat je je privileges verdiend hebt?”

“Ik vind het zelf moeilijk om me te bedenken dat ik mijn positie heb ten koste van iemand anders.”

“Het is een ongemakkelijke waarheid: mijn witte huid geeft mij voordelen die ik als vanzelfsprekend ervaar.”

“Denk je dat mijn onbekommerde vrijheid die ik hier geniet leidt tot een soort superioriteit?”

“Door de combinatie van vanzelfsprekende privileges en het idee dat jouw perspectief universeel is, word je minder getraind om empathie te tonen naar anderen.”

Iedereen in de film is het er over eens dat racisme voorkomt en bestreden moet worden, maar het aanwrijven van onverdiende privileges komt rechtstreeks uit de koker van de identiteitspolitiek. Er is geen verweer tegen mogelijk en dat maakt boos. Aan het einde van de film voelen de witte deelnemers zich ongemakkelijk en op een agressieve manier weggezet. Witte mensen kunnen bovendien niets doen om hun vermeende privileges kwijt te raken, want ze krijgen ze cadeau bij hun huidskleur. Het heeft overeenkomsten met de erfzondeleer en houdt witte mensen collectief verantwoordelijk, los van hun individuele gedrag. Het zorgt niet voor verbinding, het creëert alleen maar meer afstand. Wit is ook een kleur is geen objectieve documentaire maar een eenzijdig politiek pamflet.

Groepsgedrag

Als je tot een meerderheid behoort, helpt het niet om te reageren vanuit de angst voor het vreemde, het bang zijn om kwijt te raken wat je hebt. Rechtse populisten spelen op die angst in als het gaat om etniciteit. Wat ook niet werkt is reageren vanuit gekwetstheid en boosheid over je positie als minderheid. Dat is wat een klein deel van links stimuleert met identiteitspolitiek. Maar ons leven draait niet om groepen ingedeeld op huidskleur, afkomst, gender en geaardheid. Het gaat om individuele ervaringen en die geven we zelf vorm. Het begint bij je eigen gedrag.

Begrijp me niet verkeerd: negatief gedrag door dominante groepen komt heel veel voor: Sportclubs die homo’s niet echt accepteren. Een groepje feministen dat een man afbekt. Voetbaldeskundigen die kwetsende grappen maken over een transgender. Weinig verheffend allemaal en je kunt er eindeloos over ruziën, maar hoe hoort het dan wel?

Als je onderdeel bent van een groep: sta open voor verandering. Zit je aan de bar bier te drinken met je mannen en komt er een vrouw binnen die chocomel bestelt, laat haar zijn of beter nog: groet even en kijk of ze open staat voor een praatje. Misschien kent ze wel betere moppen dan jij!

Als je aansluiting zoekt bij een groep: kijk naar overeenkomsten. Hou je ook van bier, bestel er eentje en proost naar de mannen vanaf je tafel. Ga er bij zitten als je ze wilt leren kennen. Geldt dat allemaal niet voor jou, drink je chocomel en laat elkaar zijn.

Kom uit je bubbel

Ik kom nog even terug bij Emma. Die was inmiddels erg onder de indruk van een aflevering van de Amerikaanse televisieserie Grey’s Anatomy die haar ‘dwong om uit haar witte beschermlaag te komen’. Daarin was een onschuldige zwarte jongen omgekomen door politiekogels toen hij inbrak in wat achteraf zijn eigen huis bleek te zijn. Emma postte een fragment uit die aflevering waarin ouders als tegenreactie hun zwarte zoon ‘the talk’ geven. Hij wordt voorbereid op zijn toekomst en indringend verteld dat hij minder mag dan zijn witte vriendjes: hij mag niet schelden, in ramen klimmen, met nepwapens spelen, stenen gooien of wegrennen van de politie. Omdat onze discussie was begonnen over racisme in Nederland, wilde ik Emma het fragment laten bekijken vanuit haar eigen perspectief. Ik vroeg daarom of het fragment volgens haar de realiteit weerspiegelde voor niet-witte kinderen in Nederland, want godzijdank is de politie hier niet zo trigger-happy. En ik vroeg haar wat ‘the talk’ zou doen met het zelfbeeld van de zwarte jongen. Emma’s antwoord loog er niet om:

“Hoezo ga jij bepalen of dit waarheid is voor niet-witte kinderen? Als niet-witte mensen dat zelf zeggen. Waarom trek je hen in twijfel? Ben je in deze bewust van je eigen positie.”

Voor mij was het inmiddels wel duidelijk: ik mocht als witte man niet meedenken en me alleen maar bewust zijn van mijn positie (welke positie eigenlijk?) Emma was niet uit haar witte beschermlaag gestapt maar zat muurvast in de bubbel van de identiteitspolitiek.

Hoop voor de toekomst

Ik wil graag positief afsluiten, al begint het grimmig: Anne Fleur Dekker is een linkse activiste waar ik het zelden mee eens ben. Ik ben nu eenmaal erg gematigd door mijn gemis aan eigen identiteit en politieke kleur. Anne Fleur werd vorig jaar met de dood bedreigd om haar uitgesproken meningen en raakte zo van iedereen geïsoleerd dat ze dacht aan zelfmoord. Ze wil vanaf nu niet meer alleen omgaan met heel linkse mensen. Om die beslissing wordt ze nu vanuit eigen kamp met de dood bedreigd. Zo ver kan extremisme gaan. Ze schreef 9 februari 2018 een aantal tweets waarin ze iedereen oproept om elkaar niet uit te sluiten en in gesprek te blijven. Ze neemt ook afstand van radicale identiteitspolitiek. Meteen daarna kreeg ze bijval van mensen met meer gematigde politieke opvattingen. Dat biedt hoop voor de toekomst.

“Ik ben bevriend met een paar FvD’ers, VVD’ers en D66’ers. Ik ben er zo klaar mee dat ik dat niet zou mogen of er over zou mogen vertellen. Ik wil niet meer sektarisch door het leven gaan en alleen maar met (heel heel) linkse mensen mogen omgaan.”

Bron: Twitter – Anne Fleur Dekker

“Toen ik bijna een jaar geleden op mijn 22e serieus met de dood bedreigd werd …ik werkelijk waar helemaal alleen was en ik dacht dat de enige manier om er aan te ontsnappen was om mijn eigen leven te nemen, waren het NIET de ‘linkse activisten’ die mij hie

.lpen. …Nee, het waren VVD’ers, D66’ers, PvdA’ers, DENK’ers, SP’ers GL’ers (raadsleden, Kamerleden, leden en sympathisanten) en enkele FvD’ers die me dagelijks checkten. …Nu een jaar later leef ik nog en wil ik zo graag, in relatieve vrijheid, verder leven. Ik hou sindsdien zoveel van onze democratie en van dit land, ondanks alles wat er mis mee is. …Radicale identiteitspolitiek (op rechts en links) polariseert alleen maar en maakt als gemeenschap zwak. Het kost mensen hun leven. Er is maar één échte minderheid en dat is de 2%. De overige 98% heeft veel meer met mekaar gemeen dan het denkt.

Bron: Twitter – Anne Fleur Dekker

“De continue pressie op identiteit (gebaseerd op aannames) (door links én rechts) heeft echt gezorgd voor de keiharde polarisatie van het debat op dit moment. Aan beide kanten worden alleen maar oneliners en clichés gedropt, zonder daadwerkelijk te debatteren. Er zitten geen analyses achter en het zorgt alleen maar voor harder schreeuwen.”

Bron: Twitter – Anne Fleur Dekker

Je voelt bijna de opluchting van Anne Fleur over haar nieuw verkregen vrijheid als ze schrijft:

“Witte mannen zijn meestal gewoon heel erg leuk.”

“Uiterst links heeft vaak bar weinig humor en zelfspot.”

“Ik wil niet meer haten. Ik ben klaar met haat.”

“Ik hou zielsveel van Nederland.”

“Ik hou zielsveel van mensen.”

Bron: Twitter – Anne Fleur Dekker

Wat ik graag wil dat je onthoudt

Ik kan me heel goed voorstellen dat dit artikel moeilijk is om te lezen als je hart uit gaat naar minderheden. Het gaat me vooral over hoe een klein deel van links de laatste jaren identiteitspolitiek bedrijft: volgens een flowchart waarmee je elke discussie kunt winnen als je de theorieën en overtuigingstechnieken maar goed kent. Ik heb er nog niets constructiefs uit zien voortkomen. Rechts populisme lost evenmin iets op, maar wordt veel makkelijker herkend. Racisme bestaat en moet worden bestreden, maar niet in schijndiscussies en met politiek gebaseerd op aannames. Niet door mensen op te delen in groepen, die tegenover elkaar te plaatsen en steeds naar de ander te wijzen. Zit je aan één van die uiterste zijden van het politieke spectrum: schuif eens op, in het midden is nog plaats genoeg. Gebruik huidskleur, afkomst, gender en seksuele geaardheid niet om je te onderscheiden. Identiteit wordt bepaald door wat je doet en waar je voor staat. Sta open voor elkaar en praat.

  • Kijk naar gedrag, niet naar huidskleur, afkomst, gender en geaardheid
  • Focus niet op verschillen tussen mensen maar zoek verbinding
  • Ook binnen een groep ben je verantwoordelijk voor je eigen handelen
  • Nastreven van gelijkheid door verschillen te benadrukken werkt niet
  • Plaats feiten niet in een context die jou goed uitkomt om iets te bewijzen
  • Als je niet meer open staat voor de mening van een ander: Kom uit je bubbel!

Disclaimer: Ik heb de echte Emma vooraf gevraagd of ik deze blog mocht plaatsen, maar ze heeft niet gereageerd.

Advertenties

Trots!

you are going to great

Vandaag schrijf ik waarom ik trots op mezelf ben:

  • Ik heb mijn VWO in zes jaar gehaald
  • Ik heb een zware HBO opleiding werktuigbouwkunde afgerond. Oké niet in 4 maar in 6 jaar, maar ik flikte het wel!
  • Ik heb een vaste fulltime baan in de techniek met een bovenmodaal salaris
  • Ik heb nooit schulden gehad en heb een flinke spaarrekening
  • Ik woon zelfstandig en run zelf mijn eenpersoons huishouden
  • Ik heb besloten om in therapie te gaan om aan mezelf te werken omdat ik wil dat de 2e helft van mijn leven wél leuk wordt
  • Ik heb zelfkennis en ziekteinzicht
  • Ik ben aan het ontdekken waar ik voldoening uit haal en leef steeds minder naar de verwachtingen van anderen
  • Ik heb groepstherapie CGT (cognitieve gedragstherapie) gevolgd en overwon daar mijn drempelvrees voor sociale activiteiten
  • Ik ga nu om de week naar individuele therapie en geef die zelf vorm
  • Ik werk hard aan mijn sociale issues en maak flinke stappen. Mijn psycholoog is trots op me
  • De laatste maanden kom ik steeds meer in contact met mijn gevoel. Vaak overweldigend, maar ook mooi. Het is er dus wél.
  • Ik ben er zelfstandig achter gekomen dat ik door mijn pestverleden ben geworden zoals ik nu ben en dat was een enorme eye-opener. Vanaf hier kan het alleen maar beter worden!
  • Ik durf hulp te vragen en krijg vanaf nu 2 uur per week hulp van een autismecoach
  • Ik doe alles op eigen kracht, zonder medicatie
  • Ik deel regelmatig over mijn therapie en nieuw verkregen inzichten op Instagram
  • Sinds een paar maanden ga ik elke week naar fysiosport. Dat was een grote overwinning voor me!
  • Sinds een jaar ga ik elke maand naar het autismecafé om te praten met lotgenoten
  • Ik heb lieve mensen op sociale media leren kennen voor wie het leven ook een uitdaging is
  • Voor een paar van hen ben ik empathie en compassie gaan voelen zoals ik nooit eerder voelde
  • Ik heb mooie mensen van sociale media ontmoet zonder dat ik daar spanning bij voelde. Dat was zo fijn!
  • Ik kan steeds beter mijn grenzen aangeven op mijn werk
  • Ik ben intelligent, geduldig, aardig en behulpzaam en kan met bijna iedereen overweg
  • Ik heb geleerd dat ik trots mag zijn op mezelf, wat een ander ook vindt

Oh, ik heb ook nog een paar uitdagingen:

  • Na uitgebreide psychodiagnostiek weet sinds mijn 44e dat ik autisme heb (Asperger)
  • Ik kamp sinds mijn puberteit met permanente somberheid (dysthymie)
  • Ik heb een constante piep in mijn linkeroor en hoor daarmee weinig meer (tinnitus)
  • Met mijn rechteroog zie ik vervormd en dubbel wat lezen hondsvermoeiend maakt
  • Ik heb sinds mijn 39e en heupprothese als gevolg van een ski-ongeluk

Ja, als ik alles zo bekijk ben ik echt mega trots op mezelf!

Wat social media voor mij heeft betekend (en één meisje in het bijzonder)

pure-dankbaarheid-minIn de zomervakantie van 2015 zag ik bij toeval schrijfster Myrthe van der Meer op TV. Ik werd geraakt door haar leven met psychische aandoeningen en crisisopnames. Ik las haar boeken PAAZ en UP en was zó onder de indruk dat ik er echt een paar dagen door van slag was. Twitter gebruikte ik toen alleen om het wereldnieuws een beetje te volgen.

Toen ik Myrthe op Twitter wilde bedanken voor haar boeken, zag ik dat een aantal van haar volgers zélf schreef over psychische aandoeningen en therapie. Ik ging hun blogs volgen en voelde veel herkenning bij hun dagelijkse struggles. Door mijn depressieve klachten en Asperger ben ik lang geleden in een sociaal isolement geraakt. Mijn leven bestaat uit niet veel meer dan werken, huishouden en rusten. Door te reageren op blogs deed ik voorzichtig contacten op met lotgenoten. Voelde me op mijn gemak. Zelf bloggen bleek niet mijn ding, want het vorige bericht hier is al anderhalf jaar oud. Waarom dan vandaag deze post?

Dat komt omdat ik een hecht groepje mensen vond op Twitter en Instagram dat dagelijks lief en (psychisch) leed deelt. Eerst wilde ik iedereen adviseren, doorgronden en helpen. Later leerde ik dat een praatje maken en ‘er voor elkaar zijn’ vaak beter is. Ik kan en hoef niet iedereen te redden. En ja, soms ging er ook een contact verloren als er geen klik meer was.

Anderhalf jaar geleden leerde ik Celine kennen op Twitter. Toen ze was opgenomen in het AMC stuurde ik haar een setje oordoppen omdat ze slecht kon slapen. We konden niet meer van elkaar verschillen, maar toch voelde ik meteen een klik met haar. Ze reageerde altijd en bliksemsnel. We raakten aan de praat. Over ditjes en datjes, maar ook als ze het moeilijk had dan kon ze bij me terecht. Ze vertrouwde me en dat deed me goed. Soms kon ik ’s avonds een luisterend oor bieden zodat ze veilig kon gaan slapen. Een andere keer vertelde ze achteraf dat ze ‘iets doms’ had gedaan. Pillen ingenomen of zo. Maar ik heb zeker ook gelachen hoor. Toen ik haar een tijdje kledingadvies gaf bijvoorbeeld, terwijl ik daar totaal geen kijk op heb.

Ons dagje uit in Amersfoort naar de PAAZ toneelvoorstelling zal me altijd bijblijven. We hebben toen ’s middags op een terras zitten kletsen en bij een pizzeria gegeten. Een hele overwinning met mijn sociale onhandigheid, maar door Celine voelde het goed. Samen flamingo’s kijken in de dierentuin is er niet meer van gekomen. Haar opzoeken zodra ze in een huisje in Maastricht had gevonden ook niet.

De paar weken na haar laatste opname spraken elkaar wat minder. Vorige week dinsdag stuurde Celine een berichtje: “Hey, ik wil je even iets vertellen”. Ze schreef dat ze de jarenlange strijd die zich in haar hoofd afspeelde niet meer aan kon. Het leven voelde misplaatst en niet voor haar bestemd. Ze was toen al met haar ouders en artsen in gesprek over euthanasie. Ze was open geweest en dat voelde goed. De druk was er af. Het gaf rust. We hebben die week nog een paar keer als vanouds gepraat voordat het maandagmiddag ineens stil werd op Twitter.

Afgelopen dinsdag verscheen op Twitter het bericht dat Celine zelf een einde aan haar leven heeft gemaakt. Er kwam meteen een stroom van berichten los op social media. Het werd duidelijk hoeveel ze heeft betekend voor veel mensen. Ze was er altijd en voor iedereen. Er was veel verdriet, maar tegelijkertijd was de onderlinge steun hartverwarmend.

Celine heeft zelf een blog geschreven over haar laatste week. Ik vond het moeilijk om terug te lezen, maar er vielen voor mij wel een paar puzzelstukjes op hun plek. Over onze laatste gesprekken, hoe vastberaden ze was en hoe goed ze alles heeft voorbereid. Natuurlijk vergeef ik haar, maar wat had ik haar graag een mooier leven en waardiger einde gegund. Vrijdag ben ik bij Celine’s afscheid geweest, maar daarover heeft Miertje al mooier geschreven dan ik ooit zal kunnen.

Afgelopen week was zwaar en ik mis Celine enorm, maar uiteindelijk overheerst dankbaarheid. Social media brengt mensen tot elkaar en ben heel dankbaar dat ik haar heb mogen kennen.

Rust zacht lieve Celine

img_9577-a76ef047d8d24c03823acdf41c4ee7c8

 

 

Aan de pil

Mijn stemming is nooit echt goed omdat ik dysthymie heb. Ik ben meestal somber, maar wel stabiel. Geen grote uitschieters naar boven en beneden. Toch ging het eind 2014 een aantal maanden ronduit slecht. Zomaar. Na het nodige uitstellen kwam ik voor het eerst in mijn leven bij de POH terecht. Omdat ik in 2000 al eens een jaar antidepressiva had gebruikt, wilde ik behalve praten ook graag beginnen met medicatie. Nou ja graag, ik heb er geen problemen mee en het hielp destijds goed. De POH dacht daar anders over. De richtlijn was: eerst praten, daarna pas pillen.

Lees verder Aan de pil

Mijn blog is niet dood, hij leeft!

 

Sinds de uitnodiging voor het intakegesprek bij GGNet heb ik niet meer geblogd. Ik merkte meteen toen ik begon met bloggen dat ik schrijven moeilijk vind. Altijd al gevonden eigenlijk. Ik heb moeite om goed lopende zinnen te schrijven en er een leuk verhaal van te maken. Ik wis en herschrijf mijn zinnen eindeloos en nu stoor ik me er bijvoorbeeld al weer aan dat ik al drie zinnen met ‘Ik’ ben begonnen. En dat er twee keer ‘al’ in de vorige zin staat. Perfectionisme en onzekerheid denk ik.

Van de andere kant gezien: oefening baart kunst. Skiën is ook niet leuk zolang je nog staat te stuntelen. Ik ga dus een poging wagen om mijn blog nieuw leven in te blazen. Ten eerste wil ik voor mezelf vastleggen hoe mijn avontuur in GGZ-land verloopt. En daarnaast mag iedereen die op social media zo open schrijft over psychische problemen best weten hoe het mij vergaat.

Lees verder Mijn blog is niet dood, hij leeft!

De uitnodiging

Vandaag praat ik jullie in grote lijnen bij over de hulp die ik tot nu toe heb gehad bij mijn psychische problemen. In de volgende posts ga ik me meer op het nu richten.

Op mijn Over mij pagina kunnen jullie lezen dat ik al heel lang stemmingklachten en sociale problemen heb. Ik heb ze altijd voor mezelf gedownplayed, maar ze hebben wel degelijk grote invloed gehad op mijn leven. En nog steeds. Jarenlang heb ik er tegen lopen aanhikken om er werk van te maken. Waarom zo lang? Ik had mezelf wijsgemaakt dat ik er vrede mee had, maar ergens in mijn hoofd bleef het knagen…

Lees verder De uitnodiging

Songtag-st

Ik ben nog maar net bezig met bloggen en nu al genomineerd door Sam om een tag in te vullen! Het ontbreekt me niet aan onderwerpen om zelf over te schrijven, maar ik merk dat daar behoorlijk veel tijd in gaat zitten. Ik schrijf namelijk (nog) niet zo snel. En doordeweeks heb ik alleen ’s avonds tijd, want full-time baan en eenpersoons huishouden. Jee, waar ben ik aan begonnen? 😀

Lees verder Songtag-st